Koning Theopol

15 april 2026

Voor de meeste mensen was koning Theopol Varsdivo aan God gelijk. Al generaties lang regeerde de familie Varsdivoover de kleine bergstaat Khyungpo onder het dak van de wereld.

Theopols machtswellust en willekeur waren algemeen bekend, maar voor de meeste mensen gaf dat juist aan dat hij van Goddelijke oorsprong was. Zelf was hij er in ieder geval van overtuigd dat alles wat hij deed voortkwam uit zijn visioenen, die hij naar eigen zeggen regelmatig had.

Hij was een charismatische man en had op het eerste gezicht een charmante uitstraling. Totaal onverwachts kon dat omslaan in een wrede opstelling, waarbij hij niet schroomde mensen te veroordelen tot wrede martelingen en de dood.

De volksaard was volgzaam en berustend. Mede door hun geloof waren de mensen aanvaardend en het kwam niet eens op bij hen op om in verzet te komen tegen het soms wrede bewind. 

De koning werd omringd door raadgevers die voortkwamen uit de 7 rijkste families in het land. Deze raadgevers hadden veel macht. Zij adviseerden de koning en daar luisterde hij soms ook naar. Soms ook niet. Als een advies van een raadgever de koning echt niet zinde, moest de raadgever dit een enkele keer met de dood bekopen.

Theopol deed voorkomen alsof hij een spirituele man was en dat hij geleid werd door liefde voor zijn onderdanen.  Zijn uit visioenen voortkomende besluiten waren naar zijn zeggen altijd gebaseerd op hun belang.  Een zorgzame koning moest soms ook hard zijn om het kwaad buiten te sluiten. Zo verdedigde hij zijn onberekenbare gedrag.

Zijn paleis was tegen een berghelling opgebouwd. Halverwege het gebouw was een enorm terras dat bijna vrij in de lucht leek te hangen en als het ware uitkeek over zijn hele koninkrijk. Daarmee werd de naam van het land eer aangedaan, want Khyungpo betekent adelaarsnest. Daar vertoefde Theopolregelmatig, gezeten onder reusachtige parasols en omringd door zijn 7 adviseurs. 

In de stad beneden was een toren gebouwd, die aan de bovenkant open was. Als Theopol rechtsprak, moest de persoon om wie het ging daar plaatsnemen. Hij of zij keek dan omhoog naar Theopol en moest met opgeheven hoofd afwachten hoe de stemming van de koning was en welk besluit hij zou nemen. 

Ondanks de uitwassen die zo nu en dan voorkwamen, had Theopol er toch voor gezorgd dat de welvaart in het land redelijk was. Als je goed oppaste en je mond hield, kon je een acceptabel leven leiden. De meeste inwoners werkten in de veeteelt en de landbouw, maar allemaal heel kleinschalig en op een middeleeuwse manier. Het land lag geïsoleerd en had weinig contacten met wat er aan de andere kant van de bergketens lag.

In een klein huisje aan de rand van de stad woonde Tashi, een herder die de geiten hoedde die rondliepen in de bergen die de begrenzing van Khyungpo vormden. 

Hij was een van de weinigen die wel eens een blik had geworpen op woongemeenschappen buiten zijn eigen land. Dat betrof zowel bewoners van de bergen, als die in de dalen aan de andere kant van de bergketens.  Hij was een vrolijke man die genoot van wat hij meemaakte in de bergen. Niet alleen van de tijdelijke relaties die hij in het geheim hadaangeknoopt met meisjes uit de dorpjes, maar ook van de ontmoetingen met monniken en asceten die hun toevlucht hadden gezocht in grotten tussen de rotsen. Hij hield ervan om te praten met de wijze mannen die hem dingen vertelden die in zijn eigen land totaal onbekend waren. De asceten liet hij al gauw links liggen. Zelf hield hij van het leven en hij genoot van lekker eten en bij tijd en wijle een lekker gebraden geitjeen een paar slokken uit zijn heupflacon. Er was een monnik die hij erg bewonderde. Deze monnik, Yeshi genaamd, wasooit abt geweest van een groot klooster in een naburig land, maar had besloten om zijn laatste jaren in stilte en afzondering door te brengen. Voor Tashi maakte hij een uitzondering. Bij hun toevallige ontmoeting onderkende Yeshi de natuurlijke wijsheid van deze geitenhoeder, die leergierig was en getuigde van een helder bewustzijn.  Tashi was ook heel voorkomend. Als hij behoefte had aan een gesprek met Yeshi, ging hij in de buurt van zijn onderkomen zitten en wachtte totdat de monnik eraan toe was om met hem te praten. 

Met zijn mond halfopen luisterde hij naar de wijsheden waar Yeshi hem deelgenoot van maakte. Niet alleen over het wezen van God, maar ook over het heelal en dat de aarde om de zon draaide. Wat hem het meest raakte was wat Yeshi vertelde over Tashi’s eigen Goddelijkheid. ‘Wij zijn allemaal een vonkje van Gods energie Tashi. Die vonk is eeuwig en zal ooit weer samenkomen met het alomvattende licht van God zelf. Je lichaam is maar een jas die je afwerpt als je overstapt naar de wereld hier vlak om de hoek.’  Yeshi glimlachte toen hij dat laatste zei. ‘Binnenkort zal ik dat gaan doen beste Tashi, maar tot die tijd zal ik jou vertellen wat ik in mijn lange leven heb geleerd.’  

Tashi kwam steeds vaker bij Yeshi en in de vruchtbare grond van zijn open geest begon steeds meer te ontkiemen en te groeien. Hij leerde over de buitenkant van een persoon en zijnschaduw, over de tegenpool die in elke waarheid zat verborgen, over het ego en het diepere zelf en over de onnoemelijk grote kracht die hij had als hij dat wilde geloven. Maar bovenal leerde hij over de liefde. ‘Liefde is dat je voelt dat je met alles in verbinding staat,’ zo doceerde Yeshi. ‘Jij en ik zijn verbonden door iets dat je niet kunt zien, maar dat verborgen wordt door de illusies die je over het leven hebt.’  Aanvankelijk keek Tashi met vragende ogen naar de monnik als hij dat soort dingen zei. Later echter, toen hij tientallen keren bij Yeshi op bezoek was geweest, knikte hij bewonderend. Hij zoog alles op en Yeshi zag dat zijn eerste indruk van deze bijzondere leerling goed was geweest. Nooit had hij in zijn klooster een wijzer mens getroffen dan dezeeenvoudige geitenhoeder.  

Tashi van zijn kant voelde een grote dankbaarheid en met lede ogen zag hij de gezondheid van de oude monnik snel achteruitgaan. Hij bleef die keer bij hem totdat hij de laatste adem uitblies. Vlak voor hij stierf, zegende de monnik hem. ‘Durf te blijven zoals je bent Tashi. Durf de minste te zijn. Wees een voorbeeld, maar laat je daar niet op voorstaan.’ Tashi knikte met tranen in zijn ogen, omdat hij wist dat dit de laatste woorden van de monnik waren. Ondanks het verdrietige moment ging er niets verloren van wat Yeshi hem zei.

Tashi legde de oude monnik af toen hij was overleden en bedekte zijn laatste rustplaats met stenen, zodat de gieren niet bij zijn lichaam konden komen. 

Toen Tashi die keer terugkwam in zijn geboortestad, leek het wel alsof hij licht uitstraalde. Dat bleef niet onopgemerkt in een stad waarin iedereen erg op zichzelf was en zich opsloot in zijn eigen donkere gedachten. Waar hij liep veranderde er iets. Mensen werden blij en vonden het prettig om bij hem in de buurt te zijn. ‘Dat is toch die geitenhoeder?’ hoorde hij mensen regelmatig verbaasd zeggen. Uiteindelijk kreeg ook koning Theopol een melding van zijn spionnen dat er in de stad een bijzondere man rondliep, die voorheen een eenvoudige herder was geweest. Door die man veranderde er iets in de stad, maar de spionnen konden niet goed uitleggen wat dat was. De koning was onmiddellijk gealarmeerd. In wezen was hij een angstige en achterdochtige man en de woorden van de herder konden een kiem vormen voor een opstand en die moest hij voor zijn. Hij gaf een van zijn zeven raadgevers de opdracht om in contact te treden met de geitenhoeder. Deze raadgever heette Tenzin. Hij had een dochter Butri genaamd. Zij vergezelde hem naar de rand van de stad, waar Tashi bij zijn geiten zat. 

Butri was in de rouw en ze was in een droevige stemming.Toch was ze uit loyaliteit en ook nieuwsgierigheid met haar vader meegegaan. Toen zij Tashi gewaarwerd, ging er een warme golf door haar heen, die haar hart deed oplichten en haar geest verfriste. Onwillekeurig pakte ze de hand van haar vader beet. ‘Dit is een heilige man vader. Weet wat u doet.’ Haar vader keek haar bevreemd aan, maar hij had geleerd te vertrouwen op de intuïtie van zijn bijzondere dochter. Toen zijn vrouw het jaar daarvoor was overleden, had Butri al lang van tevoren voorgesteld om een Amchi bij haar te laten komen. Tenzin had het afgehouden, waardoor er niemand bij haar was toen ze plotseling snel slechter werd en overleed. Hij zou niet opnieuw haar advies negeren. 

Zodoende keek hij met een open blik naar Tashi en het was voor hem onmiskenbaar dat deze herder bijzondere eigenschappen had. Er waren nog andere mensen bij Tashi en de manier waarop hij met ze omging was zeer liefdevol.  Butriliet plotseling zijn hand los en liep naar Tashi toe. ‘Blijf hier,’ siste Tenzin, maar voor het eerst in jaren luisterde zij niet naar hem en maakte een kleine buiging voor Tashi. Dit was ongekend. De dochter van een raadgever die een buiging maakte voor een geitenhoeder. 

Toen zag Tenzin de ogen van Tashi, die nu gericht waren op zijn dochter. Er straalden vriendelijkheid en zachtheid uit, maar bovenal een diep weten. Wederom was zijn dochter sneller geweest in het onderkennen van hoe speciaal deze man was. 

Hij ging wat dichterbij staan en hoorde dat de man sprak over een leven in een andere wereld. Dat Butri er op kon vertrouwen dat haar moeder op een fijne plek was. Tenzin was geschokt, maar toch voelde hij ook een soort troost door de woorden.  Hij liet het gesprek even voortduren, maar pakte Butri toen bij de hand om haar weg te leiden. Even keek Tashihem in de ogen en knikte kort naar hem. Toen richtte hij zich weer tot de anderen. 

Op de terugweg naar het paleis ontspon zich een bijzonder gesprek tussen vader en dochter. ‘Wat ga je de koning vertellen over je ontmoeting?’  ‘Ik weet het nog niet Butri. Het lijkt een bijzondere man, maar vormt hij een gevaar voor de koning?’ Butri lachte zacht. ‘Maar wat voelde je papa?’  Het was even stil, terwijl Tenzin bij zichzelf te rade ging. ‘Deze man straalt liefde uit,’ zei hij toen enigszins bedeesd. Butriknikte. ‘Hij praat helemaal niet over de koning, maar over wat de mensen bezighoudt en wat er gebeurt als we sterven.’ Tenzin knikte, maar overwoog ondertussen wat hij moest zeggen tegen de koning, die niets van dit alles zou begrijpen. Een oude twijfel over de koning was zijn geest binnengeslopen. Een twijfel die zijn overleden vrouw in hem had gezaaid en die door deze Tashi weer was wakkergemaakt.

De koning bleek niet eens op Tenzins verslag te hebben gewacht, want toen Tenzin en Butri bij de paleispoort kwamen, stormde al een arrestatieteam naar buiten die naar de stad beneden ging om Tashi in te rekenen. Hij zag hoe Butriverbleekte toen ze het nieuws hoorde. Ze holde weg om zich terug te trekken in haar kamer en liet haar vader verward achter. Tenzin was geen dappere man, maar deze dag had hem door elkaar geschud. Een doldriest plan kwam in hem op. Opgewonden liep hij naar zijn huis en bereidde zich voor. 

Zoals gebruikelijk werd Tashi geboeid en naar het dak van de toren gebracht. Een onderzoek of een rechtszaak zou er niet komen. Zijn lot hing af van de luimen van koning Theopol.  Tashi was vastgemaakt aan een paal en zou daar worden geëxecuteerd door wurging, als de koning daartoe zou besluiten. Verbijsterd stelde hij vast dat hij in korte tijd in een hele hachelijke situatie terecht was gekomen. In zijn naïviteit had hij dit niet voorzien. Hij had beter moeten weten.  

Voor de schijn begon Theopol vanaf zijn hoge positie enkele vragen aan Tashi te stellen. 

‘Waarom wil jij ons koninkrijk te gronde richten?’  

Verbaasd keek Tashi omhoog.  ‘Heer, dat is nooit bij me opgekomen. Daar ben ik totaal niet mee bezig. Ik ben altijd een trouw onderdaan van uw koninkrijk geweest.’

Theopol begon te lachen. ‘Hoe kan het dan dat er ineens allemaal samenscholingen ontstaan bij jouw stal? Toch zeker niet om je geiten te bewonderen?’  Iedereen begon te lachen, behalve Tenzin die iets achteraf stond. Hij besefte dat dit helemaal de verkeerde kant opging.

‘Hoor mijn besluit,’ riep Theopol luid. ‘Zulk gedrag zie ik als ondermijnend. We zullen dit streng straffen. Ik veroordeel deze geitenhoeder tot de dood door wurging.’

Een golf van verontwaardiging ging door de menigte rond de toren heen. Niet heel luid, maar wel hoorbaar voor de koning die zich altijd onaantastbaar had geacht. 

‘Voer de executie nu uit,’ schreeuwde de koning zichtbaar geïrriteerd.

De beul deed de wurglus om Tashi’s keel en begon het kruis achter de paal rond te draaien.

Tenzin stond als verlamd toe te kijken, toen een kreet vanuit een raam achter hem, hem uit zijn lethargie haalde. Het was de verschrikte kreet van Butri bij het horen van het bevel van de koning. Het was alsof Tenzin ontwaakte uit een betovering. Hij deed twee stappen naar voren en trok ondertussen het korte zwaard uit zijn tuniek tevoorschijn. 

En voordat de wachten konden ingrijpen stak hij het zwaard tussen de schouderbladen van Theopol, die rochelend neerstortte. Vanaf dat moment had het alle kanten kunnen opgaan, maar de lang opgekropte vernedering van de raadgevers resulteerde erin dat men als één man achter Tenzinging staan.  Deze pakte het momentum en gebood de wachters met vastberaden stem om zich terug te trekken. Toen keerde hij zich naar de toren en schreeuwde naar beneden. ‘Stop de executie. De koning is dood.’   Een luid gejuich steeg op vanaf het plein beneden.  Het was alsof de verlamming van de mensen was doorbroken. Hun stemmen, die jarenlang stil waren geweest, barstten uit in een langdurige roep om gerechtigheid. ‘Laat hem vrij. Laat hem vrij.’ 

De beul koos snel eieren voor zijn geld. Hij liet het kruis terugdraaien, haalde de lus van Tashi’s nek en maakte ook de ketenen los.

Tashi herinnerde zich de laatste woorden van de monnik en stelde zich niet op als overwinnaar of mogelijk nieuwe koning. Politiek liet hij graag over aan Tenzin en de andere raadgevers. Bescheiden trok hij zich terug en liep via achterafstraten naar zijn huisje aan de rand van de stad. De bijna-executie had hem veel gedaan en hij had het nodig om weer te herstellen. Hij besloot de bergen weer in te gaan en besteedde daar veel tijd aan meditatie en gebed.  

Later keerde hij terug naar de stad en hoorde dat Tenzinstadhouder was geworden. Dat was nu een gekozen functie, maar de kiezers waren alleen de rijkere mensen van de stad. Hij glimlachte daarover en besefte dat niet alles in een keer kon veranderen.

Hij begon mensen te ontvangen in zijn kleine huisje, niet om over politiek te praten, maar over hun zoektocht naar het licht in henzelf.

Op zijn oude dag besloot Tashi de geschiedenis van zijn land Khyungpo op papier te zetten. En daarom is dit verhaal over het geslacht Varsdivo met als laatste koning Theopol tot ons gekomen en zijn de namen van Tashi, Tenzin en Butri niet in vergetelheid geraakt en worden zij nog steeds geëerd.  

Hans Kwakman
15 april 2026
Steenwijk 

Ontdek de webshop

Nieuwsgierig geworden? Bekijk alle boeken en verhalen in de webshop

Plaats een reactie


Item toegevoegd aan winkelwagen.
0 items -  0,00